|
home > teksten
> chats
Meegenomen worden door het denken
BEZOEKER: Ik merk dat ik soms toch afstand
neem omdat ik er zo in verstrikt raak, in het denken. Dat doenerverhaal
spreekt me erg aan.
JAN: Welk doenerverhaal?
B: Wat ik had geschreven via e-mail groups.
J: Oh ja, dat was ook zo.
B: Als ik traag ga denken is er ook nog een
trage denker.
J: Wat er bij veel mensen moeilijk in wil, is dat
'laten' hetzelfde is als 'doen'. Eerst ga je iets 'doen' en dan ga
je iets 'laten'.
B: Iets niet proberen te doen, is nog steeds
doen.
J: Ja, het heeft met proberen te maken. Het zijn
acties met verwachtingen. Ik doe of laat dit of dat, en dan krijg
ik zus of zo. Het werkt niet, omdat in alle gevallen diegene die iets
doet of laat, niet onderzocht wordt. De eerste aanname is verkeerd,
namelijk dat er 'iemand' is, die iets zou kunnen doen of laten. Ik
raad altijd aan, om eerst te kijken naar degene die verondersteld
wordt de dingen te 'doen' of te 'laten'.
B: Dat lijkt in veel gevallen denken te zijn.
J: Juist, dus wat is dan de ontdekking?
B: Maar ik mediteer elke dag. En dan kijk ik
alleen naar wat langs komt.
J: Ja, dat is prima. Hoe gaat dat als je niet mediteert?
Kijk je dan niet naar alles wat langskomt?
B: Umh, ja dan zie ik het ook allemaal, alleen
is het wat drukker als ik niet volledig bewust ben van het moment.
J: Ja dan ligt de aandacht bij andere dingen, bedoel
je? Als je meegenomen wordt? Of als het druk is?
B: Als ik ga zitten met de ogen dicht dan word
het wat stiller in de geest. Maar vaak (bijvoorbeeld als ik tv kijk)
dan gaat het denken er tussen zitten.
J: Mijn ervaring is dat het dan gewoon op denkniveau
drukker wordt.
B: Klopt.
J: Maar dat ik als toeschouwer onbewogen blijf.
B: Maar is er nog een stap? Van toeschouwer
naar bron? Ik weet niet hoe ik het moet noemen.
J: Ja, er is nog een stap en die stap is deze: Er
komt een moment dat je je realiseert dat je er niet speciaal voor
hoeft te gaan zitten om toeschouwer te zijn, maar dat dat altijd het
geval is.
B: Haha. dat zou te gek zijn.
J: Toeschouwer zijn is geen activiteit (Alexander
Smit).
B: Klopt. Hoef je niks voor te doen.
J: Nou, dat is het hele verhaal, eigenlijk. Ik kan
geen situaties verzinnen waarbij ik GEEN toeschouwer was, met andere
woorden: Van ALLES wat er verschijnt, ben IK de getuige. Met nóg andere
woorden: Zonder MIJ bestaat er niets. Ik ben alles, er is niets wat
ik niet ben. Waarom zou ik zoeken?
B: Zonder een getuige kan er ook niks zijn.
J: Precies. Zodra zich iets voordoet, is er gewaarzijn
ervan.
B: Maar toch heb ik een verwachting van innerlijke
vrede.
J: Die innerlijke vrede blijk je dus zelf te zijn.
B: Een soort totale acceptatie van het hier
en nu.
J: En die vrede is onverstoorbaar.
B: Ja. Of ik het nu leuk vind of niet: Uiteindelijk
wordt alles geaccepteerd.
J: Ja, precies. Dus acceptatie is geen kwestie van
keuze, acceptatie IS. Het gebeurt van moment tot moment.
B: Maar verdwijnt dan het ego? Wat uiteindelijk
de weerstand zelf is.
J: Het ego verdwijnt als illusoir centrum van de
wereld. Je denkt dat het diegene is die alles ziet en waarneemt en
die schijnpositie wordt doorzien. Na realisatie blijft het ego nog
steeds opkomen maar de werkelijkheidswaarde is er uit. Het is net
als met een toneelstuk. De hoofdrolspeler is er nog steeds en je kunt
er ook nog steeds van genieten.
B: Hmm.
J: Maar je weet dat het een rol is en die kun je
natuurlijk heel goed spelen.
B: Maar is er uiteindelijk niet zoiets als
een totale ontspanning?
J: Ja klopt. Zoals mijn leraar wel eens zei: "Alles
ontspant zich in het bewuste zijn" en zo is het ook.
B: Omdat jij zei dat het heel licht leeft.
J: Ik zit heel ontspannen naar woede te kijken.
B: Hahaha
J: Of naar verdriet of naar pijn of naar vreugde.
Ik zegt dit omdat veel mensen ontspanning met stilte verwarren of
met vervlakking. Maar zo is het niet! Ontspanning is helemaal niet
saai.
B: Maar wordt die woede of verdriet anders
ervaren dan bij een onverlicht iemand, bij wijze van spreken?
J: Ik kan natuurlijk vergelijken met vroeger en
ik vind het een wereld van verschil. Er word niets meer toegeëigend.
Alles is gewoon wat het is, en meteen over zodra het weg is.
B: En zo werkt het bij dieren ook volgens mij.
J: Waarschijnlijk wel, maar ik heb me tijdens mijn
eigen zoektocht eigenlijk nooit met 'anderen' beziggehouden, dus hoe
het bij andere mensen ging, of bij dieren. Het heet zelfonderzoek,
dus onderzoek jeZelf. Hoe is het bij jou?
B: Tja dat getuige-bewustzijn kan ik volgens
mij wel herkennen, maar er ontbreekt wat.
J: Wat ontbreekt er?
B: Tja dat weet ik niet, want het lijkt wel
als of ik niet verder terug kan. Het oog kan zich zelf niet zien.
J: Maar merk je in het dagelijks leven dat je de
neiging hebt om op dingen terug te komen?
B: Op sommige dingen niet. Alleen worstel ik
met bepaalde gedachtepatronen die ik moeiteloos zie.
J: Maar die zin is toch met zichzelf in tegenspraak?
Je zegt dat je worstelt met iets wat je moeiteloos ziet?
B: Hmm.
J: Het is het een of het ander. Ik zie alles moeiteloos,
dus ik worstel nergens mee en dat noem ik dan conflictloos leven.
Geen probleem met vreugde, geen probleem met angst, geen probleem
met leven, geen probleem met dood.
B: Zucht, wat een rust.
J: Zeker.
B: Bij mij lijkt het er meer op dat ik een
oordeel heb over mijn eigen gedachtes, wat natuurlijk ook een gedachte
is.
J: Dat is goed opgemerkt.
B: En zo is het een hond die in zijn eigen
staart bijt.
J: Ja! Als je nu hoopt, dat door dit inzicht het
oordelen gaat verdwijnen, dan zit je ernaast.
B: Hahaha!
J: Je ziet het voor wat het is en dat is dat. Je
hebt gedacht dat een schaduw iets werkelijks is, waar je last van
zou kunnen hebben maar ineens ontdek je: Hee, het is maar een schaduw!
Moet die schaduw dan verdwijnen? Welnee. Laat maar lekker een schaduw
zijn.
B: Maar toch zie ik vaak dat het denken, vooral
als ik er in mee ga, me ongelukkig maakt.
J: Kun je 'meegaan' met het denken? Of is dat ZELF
ook weer een gedachte?
B: Ja, dat is zelf ook weer een gedachte.
J: Zie, dat het onmogelijk is om meegenomen te worden.
Er kunnen alleen gedachten zijn aan meegenomen worden
B: Haha. je hebt gelijk. Thanx.
|